Tjebbe van Tijen via Chello on Thu, 2 Jul 2009 16:25:47 +0200 (CEST)


[Date Prev] [Date Next] [Thread Prev] [Thread Next] [Date Index] [Thread Index]

[Nettime-nl] Prins Willem Alexander heeft bij de bank een goddelijke taak


de geillustreerde vesrie van de tekst staat op de Hinkende Bode site
http://limpingmessenger.wordpress.com/2009/07/02/willem-alexander- heeft-bij-de-bank-een-goddelijke-taak/
Prins Willem Alexander heeft bij de bank een goddelijke taak
July 2, 2009 by Tjebbe van Tijen | Edit
Het parlementair krakeel over de ongewenste deelname van Prins Willem Alexander bij de Raad van Commissarissen van De Nederlandse Bank, waarbij van behoudend christelijk tot op-papier-revolutionair partijen als de SP zich allen zorgen maken over de goede naam en faam van de kroonprins, is onlogisch.
Immers die positie bij de bank is natuurlijk door God gegegeven,  
waarom wordt dat door niemand herkent? Beatrix wist het in haar 25  
jarig jubileum interview voor de staats tv de NOS – dat vast en zeker  
bewaard is – duidelijk te zeggen, haar taak was een goddelijke…
Niet de minister-president, maar God is dus de uiteindelijke  
verantwoordelijke. Wie de beëdigings- en inhuldigingsceremonie – per  
nieuwe vorst – in de Nieuwe Kerk van Amsterdam goed bekijkt ziet daar  
dan ook de handelingen die de goddelijke overdracht van  
verantwoordelijkheid bevestigen: “Zo waarlijk helpe mij God  
almachtig!” Een goede heerser is geen manager, een goede heerser  
krijgt inzicht van boven. Dit koninklijke deelnemen aan  
maatschappelijke processen is toch wat de Nederlandse natie wil? En  
dat goddelijke straalt ook – niet zo’n klein beetje – af op de  
overige leden van het koningshuis. Zo is Prins Constantijn goddelijk  
bevlogen lid van de Raad van Toezicht van het Stedelijk Museum  
Amsterdam. En ik neem aan dat de web-site van het koninklijk huis zo  
nog meer goddelijke inbreng in de Lage Landen weet bloot te leggen.  
Alles heel publiek en volstrekt oorbaar.

[illustratie]
Het randschrift van de jammerlijk verloren gegane Nederlandse munt liet dat nog duidelijk zien: “GOD ZIJ MET ONS” een korte samenvatting van “Si Deus nobiscum quis contra nos” (Zo God met ons is, wie zal tegen ons zijn). Dat met ons zijn van God behoeft een boodschapper en de rol van ‘goddelijke boodschapper’ is een moeilijke taak. Het huis van Oranje heeft zich in die taak sinds eeuwen gespecialiseerd. Het is ook in die zin dat Prins Alexander zitting dient te hebben bij de instelling die dat feit middels geslagen munten aan heel het volk openbaart. Dankzij de ijver en het doorzettingsvermogen van minister Zalm van financiën is deze spreuk met de komst van de Euro niet verloren gegaan en nog steeds op de in Nederland geslagen euro-munten (zij het enkel op de 2 Euro exemplaren) te lezen. De Nederlandse Euro draagt ook de beeldtenis van de de regerend monarch. Dat Alexander vooruitlopend op die eer zitting heeft in een overlegkransje van de Nederlandse Bank lijkt me dan ook gerechtvaardigd, al was het enkel om er op tijd bij te zijn om ervoor te zorgen dat zijn beeldtenis naar genoegen gestalte krijgt.
Blijft de vraag wie nu die “ONS” zijn… is het enkel de pluralis  
majestatis van de monarch, de monarch en zijn/haar familie, of heel  
het volk dat Goddelijke bescherming geniet? Dan komt natuurlijk ook  
de vraag of God als wezen of als alomaanwezige natuur gezien moet  
worden en als dat laatste het geval is hoe zou het kunnen dat het  
‘met God zijn’, iets exclusiefs Nederlands of van de Europese  
Gemeenschap zou wezen? Nu er pal bij mij om de hoek een standbeeld  
voor Spinoza opgericht is durf ik wel mijn overtuiging te uiten dat  
mij het begrip van een niet-exclusieve alomaanwezige God het beste  
past. Zou het gezien de nu toch wel algemeen doorgedrongen gedachte  
van het nastrevenswaardig ideaal van een gemenebest van elkaar  
welgezinde wereldbugers, ook niet beter zijn om bij de  
troonsbestijging van Willem Alexander een aparte herdenkingsmunt te  
laten slaan met een oud  munt randschrift dat twee eeuwen terug op de  
gouden en zilveren handelsducaten van de Republiek der Nederlanden   
gebruikt werd: “CONCORDIA RES PARVAE CRESCUNT”  (in harmonie groeien  
de kleine dingen) [*]. Dat is nu een goed punt dat De Prins in zijn  
rol als toezichtbouder van de Nederlandse Bank in kan brengen en door  
kan drukken.
* De volledige Latijns spreuk luidt: “Concordia res parvae crescent,  
discordia maxime dilabuntur” en de mogelijke vertalingen lopen nogal  
uiteen. Mijn interpretatie zou zijn: Eendracht doet het kleine  
groeien, de grootste zaken vallen uiteen door onenigheid. Voor het  
eerste deel wordt dikwijl  ”Eendracht maakt macht” gebruikt, maar dat  
lijkt me onjuist, ergens moet toch het begrip groeien terugkomen.

______________________________________________________
* Verspreid via nettime-nl. Commercieel gebruik niet
* toegestaan zonder toestemming. <nettime-nl> is een
* open en ongemodereerde mailinglist over net-kritiek.
* Meer info, archief & anderstalige edities:
* http://www.nettime.org/.
* Contact: Menno Grootveld (rabotnik@xs4all.nl).